De markt voor textiele vloerbedekking is in diverse Europese landen vorig jaar gekrompen, zo blijkt uit een nieuw onderzoek van Interconnection Consulting, zij het niet in gelijke mate. De grote tapijtmarkten Groot-Brittannië en Duitsland leveren in 2013 respectievelijk 0,8 en 7,7 procent afzetvolume in. Op de markten van Nederland en België, beide belangrijke tapijtproducerende landen, wordt een terugval van respectievelijk 3,0 en 2,5 procent opgetekend. Frankrijk stagneert (-0,6 procent), terwijl kleine tapijtmarkten als Oostenrijk (-1,4 procent) en Italië (-5,3 procent) eveneens afnames van het volume noteren. Ondanks deze daling in het algemeen, blijven textiele vloerbedekkingen in de niet-residentiële sector zeer gewild, met een jaarlijkse gemiddelde groei van 1,5 procent, zo stellen de onderzoekers. De totale markt in de zeven landen bereikte in 2013 een waarde van 4,1 miljard euro, een daling van 4,4 procent ten opzichte van het voorgaande jaar.
Ontwikkeling van waarde en volume op zeven Europese tapijtmarkten tussen 2010 en 2016: sterke terugval wordt vooralsnog gevolgd door stilstand
De onderzoekers voorzien dat de vorig jaar waargenomen negatieve ontwikkeling van de waarde, zich ook de komende jaren zal voortzetten, in het licht van de zakkende prijzen. De producenten hopen echter dat de forse daling van de prijzen in toenemende mate afgeremd zal worden, zo rapporteert Interconnection Consulting. Van 2012 op 2016 is een jaarlijkse gemiddelde krimp van 0,9 procent van het afzetvolume te verwachten. De groei zal zich in genoemde landen in de toekomst weliswaar gunstiger ontwikkelen dan in voorgaande jaren, zo merken de onderzoekers op, maar dit kan niet verhullen dat in totaliteit sprake was van een scherpe daling van de vraag naar vloerbedekking, als gevolg van de crisis in de bouw, een daling die eerst nog maar eens ingehaald dient te worden. Het tapijtvolume van 2016 zal, zo luidt de raming, min of meer vergelijkbaar zijn dat van 2013.
Getufte (-6,0 procent) en geweven tapijten (-7,4 procent) tekenen, hoewel beide zoals bekend de meest voorkomende soorten, in 2013 de grootste daling op in het verbruik qua meters, met name in de residentiële sector. Terwijl de totale markt voor textiele vloerbedekking in de afgelopen jaren sterk is gedaald, steeg het aandeel van tapijttegels daarentegen fluks. Hun aandeel bedraagt momenteel 22,2 procent in de niet-residentiële sector en 13,1 procent in de particuliere sector. Naaldvilt weet zich als nicheproduct te handhaven qua marktaandeel en zal ook in de toekomst niet aan belang inboeten, aldus Interconnection Consulting. Elastische en houten vloeren winnen momenteel sterk aan belang en zullen textiele vloerbedekking om die reden tendele van de markt verdringen.
Hoewel textiele vloerbedekkingen nog ruim toepassing vinden in de residentiële sector (45,1 procent), herbergt de niet-residentiële sector in de meeste landen een duidelijk groter groeipotentieel volgens de onderzoekers. Op de residentiële markt zal tapijt de komende jaren echter verder aandeel kwijtraken aan andere vloerensoorten. De groei in het niet-residentiële segment wordt ook gekenmerkt door een toenemend aandeel van tapijttegels, vooral in de projectensector, waar dit type vloerbekleding vaak wordt gebruikt vanwege zijn robuuste eigenschappen en het gemak van plaatsing. Het aandeel van tapijttegels ligt in Frankrijk overigens aanzienlijk hoger dan in enig ander Europees land.
De Europese markt voor textiele vloeren wordt grotendeels gedomineerd door de grote internationale spelers, zo vervolgt Interconnection Consulting zijn rapportage. De marktconcentratie is uiterst hoog en nam in alle onderzochte markten verder toe. De naar verhouding kleine Belgische en Nederlandse markten zouden ‘vrijwel volledig’ door de daar gevestigde internationale spelers worden afgedekt. De top 10-spelers nemen 80,2 procent van de marktconcentratie in België voor hun rekening. Italië en Oostenrijk liggen daar slechts iets onder. Duitsland en het Verenigd Koninkrijk kennen van de onderzochte markten met respectievelijk 39,1 en 32,2 procent de meest beperkte marktconcentratie, maar kunnen niettemin worden beschouwd als fel bevochten markten.
De groothandel blijft het belangrijkste distributiekanaal, want de verkoop van textiele vloerbedekking loopt voornamelijk (44,8 procent) via dit type ondernemingen. Vergeleken met dhz en verkoop via de vakhandel, wint de directe verkoop echter toenemend aan belang. De distributiestrategieën van de verschillende fabrikanten verschillen zeer sterk en variëren eveneens van land tot land. Soms neemt zelfs een concurrent de exclusieve distributie van producten op zich, in landen waar de fabrikant zelf geen distributiekanalen beheert, aldus besluit Interconnection Consulting.
(Vloerenplein, 17-02-2014)