Vloerentak Egger groeit dankzij prijsstijgingen
Hoofdkantoor van de Egger-groep in het Oostenrijkse St. Johann in Tirol. (foto: EGGER Holzwerkstoffe)De divisie Flooring Products van de houtverwerkende groep Egger uit Oostenrijk heeft in het tot en met april lopende boekjaar 2021/2022 een omzet geboekt van 506,9 miljoen euro, een toename van 13,4 procent ten opzichte van de 447,0 miljoen euro van een jaar eerder. De omzetstijging is volgens het concern grotendeels het gevolg van kostengerelateerde prijsstijgingen. De vloerentak maakt en verhandelt laminaatvloeren, naast zogeheten comfortvloeren en designvloeren.
De winstontwikkeling van de vloerendivisie wordt volgens de onderneming (vorig jaar goed voor een omzet van 4,23 miljard euro) nog steeds gekenmerkt door overcapaciteit in de productie en prijsdruk, evenals door felle concurrentie van SPC- en LVT-vloeren. In het boekjaar 2021/22 liet de marktomgeving twee gezichten zien. Terwijl de divisie in de eerste helft van het jaar de volumes en daarmee de winst in de overzeese verkoopregio's, Latijns-Amerika en Rusland nog wist te verhogen, bleek het in de tweede helft van het jaar niet langer mogelijk om de kostenstijgingen voor grondstoffen en energie volledig door te berekenen aan de klanten, met name in het doe-het-zelf-segment. De ebitda van de vloerentak bedroeg 49,3 miljoen euro in het afgelopen boekjaar, een lichte daling van 3,8 procent in vergelijking met de 51,2 miljoen euro vorig jaar.
De vloerenmarkt in Europa als geheel laat een lichte groei zien, zij het met regionale verschillen, zo geeft Egger in zijn jaarverslag een traditiegetrouw interessante schets van de toestand in de sector. In het segment laminaatvloeren wordt waargenomen dat de handel sinds het najaar is vertraagd. Dit komt volgens de Oostenrijkse groep door een merkbare vraaguitval in de belangrijkste kernmarkten. Daarbij wordt gewezen op de negatieve gevolgen van zogeheten ‘pull-forward’-effecten in de voorbije periode en op de sterk gestegen productie- en energiekosten, die de bouwkosten en daarmee de kosten voor vloerbedekking opdrijven.
In West-Europa, zo ziet Egger, is de markt voor laminaatvloeren de laatste tijd flink aan het krimpen. In Oost-Europa toont de gang van zaken bij de laminaatvloeren een verdeeld beeld, mede onder invloed van Turkse leveranciers die actief zijn op bepaalde Zuidoost-Europese markten (en tot op zekere hoogte ook op West-Europese). De overzeese activiteiten hebben dan weer te maken met aanzienlijke stijgingen van de vrachttarieven.
De sancties tegen Rusland zullen volgens Egger leiden tot een wijziging in de goederenstromen. Dit geldt voor hout en houtproducten in het algemeen, niet alleen voor vloeren. Producenten van laminaatvloeren die niet volledig geïntegreerd zijn, worden geconfronteerd met knelpunten in de levering op het vlak van HDF, wat zal leiden tot veranderingen in concurrentieverhoudingen, voorziet het concern.
De voortdurend stijgende kosten voor chemische primaire producten en ook hout dwingen de gehele branche om de prijzen massaal te verhogen, zo analyseert Egger voorts, om hun assortiment te verkleinen vanwege de primaire materialen of in sommige gevallen zelfs fabrieken te sluiten. Als gevolg van de forse prijsstijgingen zal de vraag verder afnemen, aangezien enerzijds de bouwkosten voor bouwprojecten zo sterk zullen stijgen dat deze in sommige gevallen zullen worden uitgesteld, en anderzijds in het doe-het-zelfkanaal steeds vaker prijsdrempels voor eindconsumenten worden overschreden.
Nieuwe concurrerende vloermaterialen, in toenemende mate SPC-vloeren (rigid vloerbedekking) en keramische vloerbedekkingen blijven aan belang winnen, waarbij LVT-vloeren in de woorden van Egger steeds meer onder druk komen te staan door de ‘smeulende’ problematiek rond plastic, maar ook door ecologische aspecten en de momenteel nog steeds verstoorde leveringsketens. De groei van alternatieve vloerbedekkingen gaat volgens het Oostenrijkse concern onder meer ten koste van het marktaandeel van laminaatvloeren. Desalniettemin verklaart Egger te blijven vertrouwen op laminaatvloeren als een regionaal geproduceerd, op hout gebaseerd, ecologisch duurzaam product met een goede prijs-kwaliteitverhouding.
(Vloerenplein, 08-08-2022)







Voor de bestedingscategorie ‘vloerbedekking’ geeft het CBS een prijsstijging van de betreffende goederen en diensten die in juli van dit jaar is opgelopen tot 13,9 procent. In juni bedroeg de toename nog 17,1 procent en in mei 9,5 procent. De categorie omvat onder meer tapijten, vaste vloerbedekking, linoleum en dergelijke vloerbedekking, en is ook inclusief het leggen van vloerbedekking.



De omzet van de divisie Floor & Wall Coverings van Amorim bedroeg in het eerste halfjaar 77,3 miljoen euro, een groei van 21,7 procent in vergelijking met 2021 toen het bedrijf een omzet van 63,5 miljoen euro behaalde. De groei is volgens het bedrijf vooral te danken aan de doorgevoerde prijsverhogingen en een verbetering van de ‘product mix’. De verkopen van de handelsproducten waren positief, recent gelanceerde producten deden het goed met een omzet van 12 miljoen euro (eerste halfjaar 2021: 6,8 miljoen euro) en de productlijn Amorim WISE presteerde met een omzet van 7,6 miljoen euro naar behoren (eerste helft 2021: 6,9 miljoen euro).




Tarkett meldt een groei van de omzet in het afgelopen tweede kwartaal van ruim 25 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Het internationale vloerenconcern noemt de stijging van de verkoopprijzen, een goed renderend sportsegment en de waardering van de dollar ten opzichte van de euro de voorname motor achter de omzetstijging. De aangepaste ebitda in het tweede kwartaal bedraagt bijna 89 miljoen euro, ofwel een marge van 10,1 procent op de omzet vergeleken met respectievelijk bijna 79 miljoen euro en 11,2 procent in het tweede kwartaal van 2021.
Bostik neemt dit jaar deel aan de Interieur Collectie Dagen die zoals bekend van 11 tot en met 13 september plaatsvinden in de Evenementenhal in Gorinchem. “InCoDa staat gekend als dé vakbeurs in Nederland voor onder andere de project- en woninginrichter waar nieuwe collecties op het gebied van vloeren, stoffering, wandbekleding en raamdecoratie centraal staan. De focus van het evenement ligt op netwerken, inspiratie en kennisdeling. Wij zijn vereerd op deze beurs onze klanten en relaties weer te ontmoeten,” aldus Bostik in een persbericht.


Met de sectorprimeur van een gebruiksvriendelijke CO2-calculator biedt fabrikant Tarkett zijn klanten volledig inzicht in de voetafdruk van hun vloerbedekking. Over de volledige levenscyclus van het product (textiel, elastisch, hout, etc.) biedt de calculator nauwkeurige gegevens om de CO2-impact te berekenen. Dit door gebruik te maken van geverifieerde informatie van de Environmental Product Declaration, een document met informatie over de milieu-impact van bouwmateriaal.
F. Ball lanceert de Stopgap 1500 AquaPro, een met water te mengen egaliseermiddel dat de Britse fabrikant aan de hand van de jongste cement-technologie heeft ontwikkeld. De innovatie kan direct op oude lijmresten worden aangebracht, waaronder bitumen, fixatie voor tapijttegels en keramische tegels, waardoor mechanische voorbereiding niet meer nodig is. Omdat ook vooraf primeren niet nodig is, bespaart het product flink op tijd en geld.


Het Britse vloerenconglomeraat Victoria Plc heeft Ragolle Rugs overgenomen, zo meldt de Belgische pers. Ragolle is een in het West-Vlaamse Waregem gevestigde producent van hoogwaardige machinaal geweven vloerkleden. Onlangs al kwamen bij onze zuiderburen de Balta-divisies Rugs, Residential polypropyleen en Non-Woven in handen van de op groei gerichte Britse groep. Ragolle, afgelopen mei een van de deelnemende bedrijven aan de Flanders Flooring Days, was vorig jaar goed voor een omzet van 46 miljoen euro, volgend op circa 40 miljoen een jaar eerder. CEO’s Herman Verhelst en Myriam Ragolle, de tweede generatie binnen het in 1950 opgerichte bedrijf, blijven aan het roer staan, zoals gebruikelijk bij overnames door Victoria Plc.
Armstrong Flooring meldt een bindende overeenkomst voor de aankoop van zijn activa te zijn aangegaan met een consortium van kopers bestaande uit AHF Products en Gordon Brothers, op grond waarvan de kopers nagenoeg alle Noord-Amerikaanse activa van Armstrong Flooring verwerven voor 107 miljoen dollar in contanten. AHF Products is in wezen de eind 2018 van Armstrong Flooring afgesplitste parkettak, die zich sindsdien heeft ontwikkeld tot een veel bredere aanbieder, van bijvoorbeeld ook laminaat en lvt. Gordon Brothers is een private equity-liquidatiemaatschappij. Het bod van het consortium AHF en Gordon Brothers was volgens de verkopende partij het enige bindende bod dat hij ontving dat betrekking had op zowat het geheel van de Noord-Amerikaanse activa.

