Hoofdkantoor Balta Industries in Sint-Baafs-Vijve. (foto: Balta)Tapijtfabrikant Balta heeft vorig jaar een omzet geboekt van 561,8 miljoen euro, een krimp van 16,3 procent (bijna 110 miljoen euro) ten opzichte van een jaar eerder, toegeschreven aan de matigende uitwerking van Covid-19 op de vraag. Organisch bedraagt de achteruitgang 16,0 procent. De divisie Rugs blijkt aan het einde van het jaar 14,2 procent te hebben ingeleverd, Commercial 19,2 procent en Residential 11,9 procent.
De gecorrigeerde ebitda voor het boekjaar komt uit op 68,0 miljoen (minus 8,6 procent ten opzichte van 2019). Residential en Rugs weten op dit terrein respectievelijk 26,0 en 4,3 procent vooruitgang te boeken, terwijl Commercial zich in de woorden van Balta nog moet herstellen van de Covid-19-impact en met 24,2 procent is gedaald. De ebitda-marge van de groep verbetert in 2020 ondanks de pandemie toch met een procentpunt tot 12,1 procent. Al met al moet Balta onder de streep een nettoverlies slikken van 12,6 miljoen, tegenover nog 10,4 miljoen winst in 2019.
Balta stelt verder vast dat zijn nettoschuld is teruggebracht tot het laagste niveau sinds de beursgang in 2017 en dat de looptijd van veel van zijn financiële verplichtingen verlengd kon worden tot ergens in 2024.
In het vierde kwartaal komt een beperkter omzetverlies van 8,0 procent in de boeken te staan, waarvan organisch 6,7 procent. Rugs mag daarentegen 1,0 procent groei opschrijven. Residential gaat zelfs 9,7 procent vooruit, naar eigen zeggen gedreven door de pre-Brexit bevoorrading in het VK en de verhoogde omzet in Europa en de VS. (Producten met een hogere marge vertegenwoordigen overigens nu reeds 40 procent van de omzet van Residential). Commercial echter speelt 25,2 procent omzet kwijt in het afsluitende kwartaal.
Balta stelt met tevredenheid vast dat zijn gecorrigeerde ebitda in het vierde kwartaal is aangedikt met liefst 40,9 procent, van 19,8 naar 27,9 miljoen. Op een omzet van 151,1 miljoen resulteert dit in een ebitda-marge van 18,5 procent.
Terugblikkend stelt de Vlaamse tapijtmaker dat het sterke herstel na de corona-gerelateerde neergang in het tweede kwartaal (met destijds zes van zijn acht fabrieken tijdelijk vrijwillig gesloten), zich voortzette in het vierde kwartaal en resulteerde in een verbetering van de aangepaste ebitda in de tweede jaarhelft van van 34 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.
"De verbeteringen werden gedreven door sterkere inkomsten en een betere productiebezetting in Residential en Rugs, evenals NEXT-initiatieven, voortdurende vastekostenverlagingen en lagere grondstofprijzen," aldus het persbericht van de fabrikant.
En voorts: "In januari 2021 zagen we de trends uit het vierde kwartaal van 2020 in grote lijnen doorgaan en houden we een solide orderboek. We blijven waakzaam omdat er in de meeste van onze markten nieuwe pandemiebeperkingen zijn opgelegd en omdat andere marktverstoringen, zoals capaciteitsbeperkingen van grondstoffenleveringen en vrachtvervoercongestie, leiden tot kostenstijgingen."
(Vloerenplein, 10-03-2021)